w a t e r l a n d e r
zij iemand is die in water landt
de boot neemt ook
al kan ze zwemmen
het kind
daar waar haar vader
een uitsparing is in de ruimte
voor altijd schaduw schrijft
in het water
waar het hart nog
net bij kan
blijven dobberen
drijven
iets anders is dan stil liggen
je hoofd boven water houden
je lichaam ontaarden
luisteren kijken
ze blijft het water
volgen en als het tijd is
staat aan de oever bij maanlicht
een moeder
angst voor het onbekende
vloeit over in meer meren
meer zee meer
minnen is liefde
uit water geboren zij is
een schepper van ruimte
en kleuren vloeibare
herinneringen stranden tussen bomen
wortels vinden een weg zelfs
naar boven waar tussen rotspartijen
zij aan haar eigen voeten
laarsjes voelt
een vader en een moeder
een kind en een kind
zij stappen zet in water en gips
twee lege stoelen vindt
waar zijn jullie waar zijn jullie
toch gebleven
speelt een leven zich af tussen vreemden
die even mee bewegen in leegte
zij geworden is
wees
wezer
weest
zij tussen rozen alleen op foto’s
nog een moeder treft zij liefde in letters
door papier rouwt
wijs
wijzer
wordt in het uurwerk dat vroeger
ijl en transparant in licht
kleurige bloemen spiegelt
bij een raam ze is ze blijft
het kind van een moeder en
een moeder van
het kind in water landt steeds weer
een bodem vindt
van verlangen naar
water want regen tekent r
e
g
e
n
i
n
g
e
n
in ieder landschap zoekt zij een plek
waar ze water kan scheppen
op haar buik zelfs dat ze
net met haar vingers bij
het oppervlak kan waar lucht
en water elkaar raken en zij
in lijnen en vlakken rivieren trekt
naald en draad door papieren rijgt
om de angst te bezweren mamma
zegen de zee hier van vleugels
aardewerk kapotslaat tot een hemel
om de schepping terug te brengen tot
wat leven is butsen sparen
in je handen littekens kerven
duizend doden sterven
de weg naar pijn
terugbrengen tot water in
glas tot stil
stand komt hier verdriet
in een zwanenhals zingt
een kind zich aan de waterkant van
haar tranen buigt
over wat verloren in haar ziel
aanspoelt
bellen blaast tussen uiterwaarden
een rivier in haar bedding zucht
zij
een bolwerk tussen bomen vindt
een huis tussen takken kamers baart van
web en wolk en licht
varens in de aarde slaap dragen
en dromen een schuilplaats vormen
voor wie vluchtig
en vloeibaar engelen zoekt
in een tent van vleugels
adem haalt uit het groen van bladeren
paars en turquoise geschiedenis
schrijven in het mos zij zich fluwelen
gordijnen herinnert een leunstoel bij
het raam een kristallen karaf op tafel
waar is zij gebleven in de tijd
in de buik van de aarde zij in een flits
een schaduw oogst tussen kleuren
zij een vreemde is geworden
in een grot van amethist
dorst heeft en tussen tegels van blauw
een kraan vindt
vogels die doden dragen
en aarde
in hun ogen belletjes rinkelen van
vroeger zij nog steeds tussen tafelpoten
kleien kan en schelpen vergaart
een druppel bolstaat van traan
zij louter in zonlicht en water baadt
tussen bladeren later nog even op zich laat wachten
altijd thuiskomt waar een kind is
op laarsjes
bellen blaast van dagen
struikrover van hartzeer en weemoed
kleine sisyfus zij
wankelend stenen in hitte en licht naar boven zeult
zo water naar zee draagt
stenen in haar stem trillen als ze naar sterren staart
ssssst
aarde vertraagd door de tijd reist
hier is geen angst voor waar je het bangst voor bent
mamma de dood is een bootje over water
vluchten is sterven tussen ster en maan mamma
een brug is alleen nodig als er geen water meer is
liever
zo veel
liever
schept zij
wat zij verloren
is als vrucht
water





- Dietske Geerlings
Gedicht bij de opening van de tentoonstelling Life-Line van beeldend kunstenaar Karin Bos in Dat Bolwerck. De bijzondere opmaak is te zien in de bijgevoegde foto’s.
Een fragment van het gedicht is gepubliceerd in Contact Zutphen-Warnsveld.
Schrijf u in voor onze nieuwsbrief!
"*" geeft vereiste velden aan